Streep door landhuizen in beschermde natuur, natuurorganisaties winnen rechtszaak bij Raad van State

Streep door landhuizen in beschermde natuur, natuurorganisaties winnen rechtszaak bij Raad van State

3 augustus 2022 – Er komen geen landhuizen langs de Reusel in Moergestel. De Raad van State vernietigt de vergunning voor de bouw van drie kolossale landhuizen in waardevolle, beschermde natuur. De natuurorganisaties halen opgelucht adem.

De Brabantse Milieufederatie (BMF) stapte samen met Vereniging het Groene Hart Brabant, Brabants Landschap en het Biodiversiteitsteam Oisterwijk naar de hoogste bestuursrechter om te voorkomen dat ruim een hectare beschermde grond uit het geplande Natuurnetwerk Brabant zou worden opgeofferd. De bouw van de drie landhuizen zou ten koste gaan van het leefgebied van vleermuizen, vossen en tal van andere dieren. Daarnaast zorgt woningbouw in beschermde natuur ook voor licht, geluid en andere vormen van verstoring.

Het betreffende gebied aan de Reusel heeft nu nog een agrarische bestemming, maar moet op termijn worden omgevormd naar natuur. De provincie had aangevoerd dat van gronden niet gezegd kan worden of zij wel of niet tot het natuurnetwerk behoren, zolang er geen natuur aanwezig is.

Adriaan van Abeelen van Het Groene Hart: “Gelukkig heeft de Raad van State die redenering niet gevolgd, want daarmee komt de realisatie van het hele natuurwerk feitelijk op losse schroeven te staan. De Provincie heeft zelf de ambitie om het Natuurnetwerk Brabant af te maken, daarbij hoort dan ook de plicht om dat doel helemaal te halen.” De Raad van State oordeelt dat een wijziging van de begrenzing van het Natuurnetwerk Brabant door de provincie alleen mogelijk is als de oppervlakte van het natuurnetwerk ten minste gelijk blijft. Dat is hier niet het geval.

BMF-directeur Femke Dingemans is teleurgesteld dat ze door de provincie Noord-Brabant gedwongen werd om naar de rechter te stappen. “Liever werken we samen met overheden aan oplossingen om de kwetsbare natuur in Brabant te versterken. Grote landhuizen in een beekdal horen daar wat ons betreft niet bij.”

https://www.bd.nl/tilburg-e-o/streep-door-landgoed-reuseldal-in-moergestel-natuur-blijft-gespaard~ae22775e/?fbclid=IwAR2l6k_qt-wwfxFNodte1hWZO1BuueUa1mL5IaXpd0NdQter_LIYuLPEhnA

Impressie van meanderende Reusel op Landgoed Reuseldal in Moergestel © Verschel & Van Dun

 

 

 

 

 

 

 

DE ONTDEKKING VAN DE AARDE (4)

Over zelforganisatie

Hoe weet de planeet nu wanneer hij het zuurstofgehalte op de planeet moet verlagen of verhogen om op ongeveer 20 % uit te komen? De concentratie van 20% is namelijk het omslagpunt tussen een wereldbrand en grootschalige verstikking? (zie Margulis. De symbiotische planeet p. 132)). Een planeet kan zichzelf toch niet organiseren als er geen sprake is van een bewust bestuur, zo vragen de critici van Lovelock zich af. Hoe kan Gaia het warmer worden van de zon compenseren en aldus de planeet koel genoeg houden?  Hoe weet Gaia hoe ze het wolkendek boven oceanen moet regelen om op de juiste temperatuur uit te komen?

Gaia heeft geen bewustzijn nodig om haar temperatuur te regelen, antwoordt Lovelock. Gevoeligheid, reactievermogen van planten, schimmels, bacteriën en dieren, ieder in zijn eigen omgeving, vormen een zich herhalend patroon dat het fundament vormt van de mondiale regulering van Gaia zelf.

Lovelock heeft, zoals zo vaak gebeurt in de natuurwetenschappen, een computermodel ontwikkeld dat “Madeliefjeswereld” heet. Ik laat Lovelock hierover aan het woord.

“Het model gaat uit van een planeet waar alleen maar witte en zwarte madeliefjes groeien. En deze planeet wordt blootgesteld aan de straling van een zonachtige ster die in de loop van miljoenen jaren feller gaat stralen. Zonder mystieke veronderstellingen of andere fantasieën inzake een  planetair bewustzijn ‘weten’  de madeliefjes van Madeliefjeswereld hoe zij de opwarming van de planeet kunnen tegengaan. Het model is heel simpel, zegt Lovelock. Zwarte madeliefjes absorberen warmte, nemen warmte in zich op,  terwijl witte madeliefjes deze juist weerkaatsen. Geen van beide bloemen groeit bij temperaturen onder de 10 graden celsius  en boven de 45 graden gaan ze allemaal dood. Aan de ondergrens van dit temperatuurgebied zijn zwarte madeliefjes in het voordeel, omdat ze warmte kunnen absorberen en dan dus sneller groeien dan hun concurrenten. Witte madeliefjes weerkaatsen de warmte juist en doen het dus beter onder warme omstandigheden. Ze koelen de boel  juist weer af.

Laten we beginnen met een koele wereld waar zwarte madeliefjes de boventoon voeren. Als de zon feller gaat stralen, nemen de aantallen zwarte madeliefjes toe, waardoor er meer warmte wordt geabsorbeerd en het planeetoppervlak steeds warmer wordt. Dat stimuleert de groei van nog meer madeliefjes, totdat de omgeving zo warm wordt dat witte madeliefjes in het voordeel zijn. Geleidelijk zullen de witte madeliefjes de zwarte gaan verdringen. Omdat ze minder warmte absorberen en meer warmte weerkaatsen, zullen de toenemende aantallen witte madeliefjes tot afkoeling leiden. Het nettoresultaat van deze activiteiten is dat het planeetoppervlak wordt verwarmd tijdens de vroege evolutie van de zon – als de ster nog niet zoveel energie produceert – en afkoelt als de zon feller gaat stralen. Ondanks de steeds maar warmer wordende zon zou de planeet gedurende lange tijd een constante temperatuur houden.

Hans Pijnaker
(Wordt vervolgd)

https://www.nrc.nl/nieuws/2022/07/27/de-man-die-de-aarde-zag-als-superorganisme-gaia-a4137518

 

DE ONTDEKKING VAN DE AARDE (3)

Gaia begrijpen

Veel wetenschappers staan nog steeds sceptisch tegenover Gaia. Misschien komt dit doordat Gaia zo’n anti-wetenschappelijke en anti-intellectuele bijsmaak heeft gekregen. In de volksmond verwijst Gaia naar het begrip “Moeder Aarde” als planeet-omvattend organisme. De levende Griekse godin Gaia, die het menselijke ver overstijgt, zou ons, zo vertellen ons de Griekse mythen,  kunnen straffen of belonen voor onze ingrepen in het milieu. Deze personificatie, Gaia neerzetten als een levende persoon, vindt ik echter betreurenswaardig, laat James Lovelock zich ontvallen  in het boek “De symbiotische planeet” ( Lynn Margulis Contact 1999. Pag.125).

In zijn “Gaia; de genezing van de Aarde” ( Ankh Hermes. 2001. Pag.11) gaat hij hier uitgebreider op in. Ik laat hem aan het woord:

“Ik beschrijf Gaia als een beheerssysteem van de aarde – een zelfregulerend systeem, zoiets als een gewone thermostaat van een oven of een strijkijzer. Ik ben naast chemicus ook uitvinder en vind het gemakkelijk om me eerst in gedachten een zelfregulerend apparaat zoals een strijkijzer of oven voor te stellen. Met dat model in de geest kan ik dan een prototype construeren dat uiteindelijk kan worden verfijnd tot het apparaat dat kan worden gebruikt.

Gaia is net als elke uitvinding moeilijk te beschrijven. Ik zou kunnen zeggen dat Gaia een zich ontwikkelend systeem is dat is samengesteld uit alle levende organismen en het milieu van het aardoppervlak, oceanen, atmosfeer en aardkorst, en dat deze twee componenten onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.  Het is een ‘macht in ontwikkeling’- een systeem dat tevoorschijn is gekomen uit de wederzijdse evolutie van organismen en hun omgeving gedurende miljarden jaren dat er leven op Aarde is. In dit systeem gebeurt de zelfregulatie van klimaat en chemische samenstelling volstrekt automatisch. Zelfregulatie treedt op terwijl het systeem zich ontwikkelt. Er komt geen plan of planning aan te pas.

Gaia werd zichtbaar door de nieuwe kennis over de Aarde die vanuit de ruimte werd verzameld en ook uit gedetailleerde onderzoeken gedurende de afgelopen decennia aan het aardoppervlak, de oceanen en de atmosfeer.

Mijn visie op de Aarde als systeem, dat wat ik Gaia noem, is feitelijk fysiologisch. Het gaat hierbij om de werking van het hele systeem, niet van de samenstellende delen van een planeet die willekeurig verdeeld is in de biosfeer, de atmosfeer, de lithosfeer en de hydrosfeer. Dat zijn geen echte delen van de Aarde, het zijn invloedssferen die door wetenschappers worden bewoond.

Wat ik u vraag is om de Gaia-theorie te beschouwen als een alternatief voor de gebruikelijk visie dat de Aarde een dode planeet zou zijn van gesteente, water en lucht, en bewoond door leven. Beschouw haar als een echt systeem, waarin al het leven en de hele leefomgeving met elkaar verbonden zijn om een zelfregulerend geheel te vormen.” Aldus de scheikundige James Lovelocke.

De volgende keer zullen we iets dieper ingaan op het begrip Zelforganisatie.

(foto: ecolo.org)

 

Hans Pijnaker

 

DE ONTDEKKING VAN DE AARDE (2)

De Gaia hypothese

De eerste foto’s van onze planeet aarde, vanuit de ruimte genomen in de jaren ’60, bezorgde ons een schok omdat we ons bewust werden van de kwetsbaarheid van onze blauwe planeet. Wat waren we eigenlijk aan het doen, vraagt hoogleraar geologie, Peter Westbroek (Leiden Universiteit), zich af in zijn boek “De dynamiek van de aarde”(Contact, 1992), met al die oorlogen, vervuiling, zure regen, woestijnvorming, het broeikaseffect en het uit elkaar vallen van het ons tegen straling beschermende ozonschild. We gingen langzaam beseffen hoe de natuurlijke orde door ons werd verstoord.

Hoe zou de aarde hier op gaan reageren, vroeg men zich af. En hoe werkt die aarde eigenlijk, werd steeds meer de vraag. Een omvattend vierdimensionaal beeld zou hier eigenlijk inzicht in moeten geven,  een samenwerkingsverband tussen fysische, chemische, biologische en culturele wetenschappers. Maar de wetenschappers waren verdeeld, vertelt Westbroek. Opgesplitst in disciplines, die ieder op eigen kracht niet in staat bleken om te verklaren hoe de aarde zich heeft ontwikkeld als een enkelvoudig geïntegreerd systeem.

De Russische wetenschapper Vladimir Vernadski (1883-1945) had al eerder een omvattend perspectief ontwikkeld, maar werd niet serieus genomen door zijn collega’s. Toch ontstaat er geleidelijk een groei naar meer  interdisciplinaire samenwerking. Aanvankelijk dachten geologen nog alleen in termen van fysiologische  processen en krachten, zoals het smelten van gesteenten, de sortering van zandkorrels in stromend water. Daaropvolgend kreeg men ook oog voor chemische  processen en ontstonden de vakken geofysica en geochemie. En sinds kort beginnen de geologen, stelt Westbroek vast, ook het leven te zien als een geologische kracht. Uiteindelijk komen ook de biologische  aspecten van planeet aarde steeds meer in de belangstelling. Maar het inzicht in het functioneren van onze planeet blijft nog steeds vaag.

 

De radicaalste visie op de rol van het leven op aarde danken we aan de Britse chemicus en onderzoeker James E. Lovelock. Met zijn GAIA-HYPOTHESE heeft hij wereldwijd de aandacht getrokken. Hij ziet de aarde als een superorganisme dat zichzelf miljarden jaren in stand heeft gehouden. Alle levende systemen zouden samen met hun directe omgeving automatisch condities verzekeren waarin het leven goed kon gedijen.

De gevestigde wetenschap lachte hem uit en noemde het concept Gaia een soort geloof met een religieuze dimensie en wetenschappelijk absoluut niet geloofwaardig. Maar, zo stelt de Leidse hoogleraar geologie Peter Westbroek,  zodra we aan Gaia de pretentie van hypothese ontnemen en het concept alleen gebruiken als strategie voor onderzoek, vervliegt de quasi-religieuze gevoelswaarde en komt de weg vrij voor een nieuwe benadering van aarde en leven. Integratie van natuur- en menswetenschappen – fysische, chemische, biologische en culturele – blijkt daarvoor hard nodig, aldus Westbroek. Dit deed Lovelock.

Laten we de volgende keer eens kijken hoe Lovelock zelf zijn concept Gaia van uitleg voorziet.

 

Hans Pijnaker

 

 

BIODIVERSITEITSDAG 22 mei 2022

Biodiversiteitsdag. Op 22 mei is het wereldwijd biodiversiteitsdag. De door de Verenigde Naties uitgeroepen dag van het jaar, waarop aandacht wordt gevraagd voor alles wat op aarde leeft, ofwel het evenwicht tussen plant, dier en mens.

Uniek en onvervangbaar
Het leven op aarde kent vele variaties. Of het nu gaat om de kleinste bacteriën, schimmels en planten of de grootste dieren, de tropische regenwouden of de Nederlandse weilanden, elke levensvorm, elk ecosysteem en elke genetische variatie is uniek en onvervangbaar. Deze grote verscheidenheid noemen we biodiversiteit.

Voorwaarden voor al het leven
Veel levensvormen op de aarde zijn afhankelijk van elkaar. Daarin speelt variatie een belangrijke rol. Ook de mens kan zonder andere organismen niet bestaan. Biodiversiteit is behalve mooi, ook nuttig en noodzakelijk. Het zorgt niet alleen voor schoon water, vruchtbare grond en een stabiel klimaat, maar levert ook voedsel en grondstoffen voor huisvesting, kleding, brandstof en medicijnen. Deze natuurlijke hulpbronnen verschaffen bestaanszekerheid en vormen de basis voor onze welvaart. Biodiversiteitsdag draagt bij aan de kwaliteit van leven en het welzijn van mensen.

Schone lucht, zuiver water, vruchtbare bodem
Door wereldwijde klimaatverandering, toename van consumptie, vervuiling, introductie van vreemde soorten, overexploitatie van natuurgebieden en natuurlijke hulpbronnen wordt de biodiversiteit ernstig bedreigd. Plant- en diersoorten verdwijnen en ecosystemen raken verstoord. Schone lucht, zuiver water, een vruchtbare bodem en een stabiel klimaat zijn niet langer vanzelfsprekend. Dit treft mensen in arme landen, omdat zij vaak direct afhankelijk zijn van wat de bossen en het land voortbrengen, maar het treft ook onszelf. Aantasting van biodiversiteit en uitputting van natuurlijke hulpbronnen bedreigt uiteindelijk het voortbestaan van alle mensen.

Nationaal en internationaal beleid
De Nederlandse overheid heeft duurzaam gebruik en meer kennis van biodiversiteit en natuurlijke hulpbronnen hoog op de agenda staan. Zij neemt initiatieven voor het ontwikkelen van effectief nationaal en internationaal beleid. Maar niet alleen de overheid is verantwoordelijk. Een doeltreffende aanpak van dit levensbelangrijke probleem is alleen mogelijk als overheid, burgers, bedrijven en maatschappelijke organisaties nauw met elkaar samenwerken.

22 mei is daarom een feestdag voor de natuur en dag van bezinning voor de mens: biodiversiteitsdag. We staan stil bij wat de natuur ons heeft te bieden en vooral bij de onmisbaarheid ervan.

(Bron: groenvandaag.nl)

DE ONTDEKKING VAN DE AARDE (1)

Over Lynn Margulis, James Lovelock , Peter Westbroek en een Nieuw Symbiotisch Wereldbeeld

Op 11 november 2011 overleed mijn dierbare collega Lynn Margulis. Ze stierf in het harnas op het Instituut voor Geologie aan de Amherst Universiteit (Massachusetts), zo vertelt emeritus hoogleraar geologie Peter Westbroek van Leiden Universiteit in zijn boek “De ontdekking van de Aarde ( Balans, 2012).

Lynn Margulis was hoogleraar biologie en geologie en een autoriteit op het gebied van de aardwetenschappen. Al haar werk is eigenlijk samen te vatten met de term SYMBIOSE.

Symbiose is in de biologie het langdurig met of in elkaar samenleven van twee of meer organismen van verschillende soorten, waarbij de samenleving voor tenminste één van de organismen gunstig of zelfs noodzakelijk is. Het gaat om een wederzijds voordelig samenbestaan. Lynn’s ‘endosymbiose’ theorie behelst een vorm van wederzijdse symbiose, waarbij een organisme tussen de cellen of zelfs in de cellen van een gastheer leeft.

Voor Lynn Margulis was symbiose de essentie, het meest wezenlijke van het leven. Organismen, leert ze ons, verkrijgen hun identiteit niet door rechtlijnige afstamming zoals we tot voor kort dachten, maar door versmelting van totaal verschillende voorouders.

In het evolutieproces is symbiose een voortdurende bron van vernieuwing en de hele aarde is van die intieme samenwerking doortrokken. Ons eigen lichaam is een symbiotisch biologisch paradijs waar miljoenen soorten bacteriën, eencelligen, schimmels en wormpjes in onderlinge afhankelijkheid samenleven met onze eigen cellen. En op hun beurt zijn die eigen cellen van ons weer ontstaan door versmelting van een stel totaal verschillende bacteriën.

Uiteindelijk is onze Planeet Aarde een symbiose op planetaire schaal, waar alle organismen met elkaar in aanraking komen omdat ze dezelfde lucht, hetzelfde water, hetzelfde voedsel en dezelfde energie aan elkaar doorgeven.

Grote delen van Lynn Margulis’ endosymbiotische theorie worden momenteel aanvaard, al blijven er ook de nodige vragen, vertelt Leids hoogleraar geologie Peter Westbroek.

Lynn Margulis ontmoette in de jaren ’60 op een wetenschappelijk congres de NASA chemicus James Lovelock.  Het was deze Lovelock die stelde dat we onze planeet Aarde als een levend superorganisme moeten beschouwen. Samen ontwikkelden deze twee wetenschappers daarop de GAIA-HYPOTHESE, ietwat onhandig genoemd naar de Griekse godin Moeder Aarde.

Sindsdien spreken we van het SYMBIOTISCH WERELDBEELD, zegt Westbroek, een eerbetoon aan beide wetenschappers.

Maar dat begrip ‘symbiose’ markeert, zegt hij, óók als geen ander de tegenstelling tussen ons ‘oude modernistische wereldbeeld’ van Copernicus en Galilei, waarin de mens aan het hoofd staat van en heerser is over de schepping en ons ‘huidige nieuwe symbiotische wereldbeeld’, waarin de mens onderdeel is van de rest van de natuur.

Gedurende de eeuwen die achter ons liggen, vervolgt hij, zijn de aarde en de mensen van elkaar vervreemd geraakt, zozeer zelfs dat het voortbestaan van de mens wordt bedreigd en de aarde geteisterd achterblijft. We voelen ons heerser, zegt Westbroek, maar we zijn de parasieten van deze planeet. Alleen door symbiose, door in de aarde op te gaan en ons te voegen naar haar grillige dynamiek, zullen we kunnen overleven.

Hans Pijnaker
(wordt vervolgd)

Biodiversiteits-team start met ‘Kapwachters’

Nog elke week worden er in de gemeente Oisterwijk volwassen bomen gekapt. Dit terwijl deze bomen ons bescherming bieden tegen toenemende plaagdier-, extreme water-, hitte-, en windoverlast.  Daarnaast bieden ze een schuilplaats voor veel dieren en insecten en verbeteren ze de bodemgesteldheid. Verder dragen bomen bij aan een gezondere leefomgeving. Daarom wil het B-team Oisterwijk onnodige kap voorkomen.

Dat kan ze echter niet alleen! Daarvoor heeft het B-team betrokken inwoners nodig die ‘kapwachter’ willen worden en de bomen in hun directe omgeving willen beschermen.

Stel je voor… Een computerprogramma staat constant ‘op wacht’ om te bewaken of er vergunningsaanvragen voor bomenkap binnen de gemeente Oisterwijk zijn gedaan. In plaats van teleurgesteld te moeten accepteren dat een boom is verdwenen omdat je de aankondiging hebt gemist, krijg je automatisch een signaal wanneer het gaat om een boom die minder dan 100 meter van jouw huis staat… Zou je dan, eventueel met hulp van anderen, je willen inzetten om te voorkomen dat deze ‘buurtboom’ wordt omgezaagd? Of ken je iemand anders die zoiets belangrijk en leuk zou vinden?

Dit is kort gezegd wat het programma ‘Kapwachter’ al voor de inwoners van de gemeente Vught doet. Al meer dan 60 inwoners zijn daar inmiddels ‘Kapwachter’.

Ook het B-team Oisterwijk heeft het programma nu tot haar beschikking. Met dit programma krijgt u als u ‘Kapwachter’ automatisch bericht als er in uw directe omgeving een kapvergunning is aangevraagd. U heeft dan de mogelijkheid om in overleg te gaan met de aanvrager en anderen in de buurt.

Wordt de aanvraag van de kapvergunning alsnog doorgezet en wordt door de gemeente een kapvergunning verleend, dan krijgt u opnieuw een melding en vind u op de site van het B-team uitleg hoe u bezwaar kunt maken.

Door ‘Kapwachter’ te worden mist u geen enkele aanvraag en bent u er bijtijds bij.

U kunt u aanmelden op de site van het B-team. ( www.bteamoisterwijk.nl ) onder het tabje ‘Kapwachter’. De bijdrage die gevraagd wordt, is om de kosten van het programma te dekken.

april 2022

https://www.bd.nl/tilburg-e-o/kapwachters-krijgen-in-oisterwijk-een-seintje-als-in-hun-straat-de-zaag-eraan-zit-te-komen~a5ba4fba/?cb=dae3a21f6067be0cbda659821fe3ddd9&auth_rd=1

ONTHULLING BRONZEN BEELD ‘Eekhoorn in het groen’ – 15-jarig bestaan B-Team Oisterwijk

Op woensdag 13 april om 11.30 uur werd op het Dotterveld, aan de Dotterstraat in Oisterwijk, het kunstwerk ‘Eekhoorn in het groen’ onthuld. Samen met het kunstwerk is er ook een boom geplant.
Het mag inmiddels duidelijk zijn “De natuur heeft ons niet nodig, wij hebben de natuur nodig”.
Het idee van Mainkunstenaars om een geassembleerde eekhoorn te maken is ontstaan tijdens een wekelijks rondje zwerfafval rapen. Marjon en Ien zijn al jaren vrijwillig zapper en daarmee onderdeel van het B-team. Tijdens het afvalrapen vindt het duo wel eens iets dat te bijzonder is om in de gele zak te stoppen. Deze mooie items belanden in een grote bak in hun atelier om daar een bestemming af te wachten. Verschillende stukken zijn zo al verwerkt tot kunst.
Ook in het beeld van de eekhoorn verwerkten Marjon en Ien verschillende gezapte vondsten. Het beeld is op deze manier biodivers op haar eigen manier, het zwerfafval heeft een nieuw leven gekregen. Het werd als het ware een grondstof voor het kunstwerk.
Welke ‘vondsten’ zie jij terug in de eekhoorn?
Een schoenleest (heel kenmerkend voor de eens florerende Oisterwijkse schoenenindustrie) een handrem van een fiets, een kauwgumverpakking, piepschuim, een blikje, een tuinharkje, doppen, bubbeltjesplastic en een prachtig stuk oud ijzer waarvan meteen duidelijk was dat dat de staart moest zijn. In de noot zit een treklipje van een blikje.
Kinderen van BS de Kikkenduut boden hun ideeën om de biodiversiteit in Oisterwijk te verbeteren, aan aan het B-team. Het B-team zal het beste idee belonen.

Natuurinclusief bouwen

Reactie op de Woonzorgvisie Gemeente Oisterwijk 2022-2027

De Woonzorgvisie Gemeente Oisterwijk 2022-2027 ziet niet 1 Parel in ’t Groen maar 4 parels. Doordat onze kernen omringd zijn door prachtige natuur.

:  “Onze inwoners zijn trots op hun mooie woonomgeving. De ruime woningen, een uitgebreid voorzieningenniveau, gezellige horeca, een hecht verenigingsleven, nabijheid van veel werkgelegenheid en de stedelijke voorzieningen van Tilburg. En dat alles omringd door prachtige groene natuur: de Oisterwijkse Bossen en Vennen, Kampina en landgoederen zoals Nemerlaer en Landgoed de Rosep. Zelf vinden we dat we niet één, maar vier parels in het groen hebben; Oisterwijk, Moergestel, Haaren en Heukelom.”

Maar is die trots terecht? Want die ‘prachtige, groene natuur’ staat sterk onder druk. Er is wereldwijd, maar ook in Nederland (en ook in Oisterwijk) sprake van een biodiversiteitscrisis, zegt de landelijke Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur.[1] Zoals ook de Kadernota Groen 2012-2021 al in 2012 in 2012 aangeeft.[2]

De Woonzorgvisie wil het landschap als basis nemen en ‘natuurinclusief bouwen’, om een goede balans tussen wonen en groen te realiseren. Maar centraal in het begrip ‘natuurinclusief bouwen’ staat het versterken van de biodiversiteit en in de woonzorgvisievisie valt het woord biodiversiteit nergens.[3] De Woonzorgvisie staat, zo stelt zij, niet op zichzelf. Er zijn er veel raakvlakken met andere beleidsdomeinen en bestaande visies. En er wordt gehouden met de relevante uitgangspunten van deze en andere beleidskaders. Hier wreekt zich het feit dat er geen actueel beleidskader voor biodiversiteit is.

Wat verstaat de Woonzorgvisie onder natuurinclusief bouwen?:

“De kenmerkende bosrijke omgeving van Oisterwijk is niet van nature ontstaan, maar door ingrepen van de mens (gerichte aanplanting en het stoppen met begrazing van heidevelden door schapen). Plekken die we nu als waardevolle natuurgebieden zien. Op sommige plekken zijn zeer gewilde woongebieden in het groen ontstaan, zoals de wijk Klompven. De komende jaren willen we opnieuw door menselijk ingrijpen aan de randen van onze dorpen een nieuwe parkachtige, groene omgeving creëren, in combinatie met nieuwbouw van woningen in verschillende prijssegmenten en woontypologieën. De ambitie is om bos, water en wonen met elkaar in balans te brengen, op een manier die past bij de historische ontwikkeling van Oisterwijk.”

Een parkachtige omgeving zoals we die zien bij het Klompven, is dat natuurinclusief? Heeft dat biodiversiteitswaarde? Ons inziens zou het opnemen van biodiversiteit en -criteria voordelen opleveren en het benoemen daarvan tot een betere woonzorgvisie leiden. En als we dan geen actueel beleidskader ‘biodiversiteit’ hebben, waar kunnen we dan van leren?

De Raad voor de Leefomgeving en infrastructuur pleit ervoor dat natuurinclusief bouwen moet bijdragen aan de minimumvereisten voor een gebied specifieke ‘basiskwaliteit natuur’. Precies waar de drie B-teams van Goirle, Hilvarenbeek en Oisterwijk om vragen, in hun pleidooi voor een beleid gericht op biodiversiteitsherstel uitgaande van het concept ‘basiskwaliteit natuur’, zoals dat ook ten grondslag ligt aan het landelijke ‘Deltaplan Biodiversiteitsherstel. Samen In actie voor een rijker Nederland’.[4]  Basiskwaliteit natuur wordt daarbij gedefinieerd door een minimum niveau waar onze omgeving aan zou moeten voldoen om deze leefbaar te houden voor natuur en mens. “De Basiskwaliteit Natuur is op orde als de voor dat landschap karakteristieke en algemene soorten algemeen zijn en blijven.” (Vogelbescherming Nederland.[5]

Als ‘werkroute openbare ruimte’ formuleert het Deltaplan biodiversiteitsherstel de volgende doelen:

  • Het vergroenen van de infrastructuur, waarbij alle projecten meer biodiversiteit achterlaten dan er aangetroffen werd;
  • ‘Infranatuur’ integraal wordt meegenomen vanaf aanbesteding tot uitvoering;
  • Het natuur-inclusief maken van alle bouw- en ontwikkelprojecten, waarbij aan natuurlijke oplossingen voor technische vraagstukken wordt gewerkt;
  • projecten bijdragen aan de lokale biodiversiteit en een gezonde leefomgeving;
  • Het integraal meenemen van meer biodiversiteit als doel in projecten rond klimaatadaptatie, woningbouw, infrastructuur en energietransitie;
  • Het verkennen van biodiversiteit als deel van de oplossing in alle projecten in de openbare ruimte.

Of neem een voorbeeld aan de gemeente Amsterdam, die een Groenvisie 2050 heeft opgesteld dat een beeld schetst van Amsterdam als een groene stad en hoe die zich tussen nu en 2050 verder kan ontwikkelen. Zou mooi aansluiten bij het voornemen in het Oisterwijkse bestuursakkoord om een visie 2050 op te stellen. En die in mei 2018 een ‘Handboek Natuurinclusief Bouwen en Ontwerpen’ heeft uitgebracht. Met een 10 punten systeem, waarin de volgende aspecten bepalend zijn voor het aantal punten dat behaald kan worden:

  • Prijs per eenheid
  • Bijdrage aan de biodiversiteit
  • Bijdrage aan duurzaamheid
  • CO2 opslag
  • Voorkomt het hittestress
  • Bijdrage waterberging
  • Belevingswaarde

Om in aanmerking te komen voor de tender dient een minimaal aantal van 30 punten te worden behaald. Een bovengrens van het aantal te behalen punten en maatregelen bestaat niet. Hoe meer hoe beter. [6]

In de Woonzorgvisie gaan we gewoon een parkachtige omgeving realiseren door menselijk ingrijpen. Zoals we dat in het verleden gedaan hebben op een manier die past bij de historische ontwikkeling van Oisterwijk. Maar resultaten uit het verleden, bieden geen garantie voor de toekomst. En onze toekomst vraagt om andere resultaten.

De gemeente Oisterwijk wil een Global Goals gemeente zijn. Mooi! De Woonzorgvisie refereert direct aan Global Goal 11 ‘duurzame steden en gemeenschappen’. Ambtelijk is in 2020 een inventarisatie ‘Oisterwijk als Global Goals gemeente’ uitgevoerd (helaas blijkbaar niet bekend bij de gemeenteraad). Hierin werd geconcludeerd dat de gemeente Oisterwijk “zich minder nadrukkelijk bezig houdt met Global Goal 15 ‘leven op het land’ (biodiversiteit) en daarvoor in de begroting geen doelstellingen zijn vastgesteld”. Aandacht voor biodiversiteit is dus niet gewaarborgd enkel en alleen omdat  we uitgesproken hebben een Global Goals gemeente te willen zijn. Voor een daadwerkelijke Global Goals gemeente moeten we (willen) erkennen dat we ook andere bewoners hebben: planten en dieren in een verscheidenheid aan ecosystemen.

 

B-team Oisterwijk

 

[1] “Wereldwijd gaat de natuur in een zorgwekkend tempo achteruit. Dat geldt zeker ook voor Nederland. Van agrarische gebieden tot natuurgebieden, van binnenwateren tot stedelijke gebieden: overal lopen de natuurkwaliteit en de biodiversiteit terug. Dat is problematisch, want een vitale natuur is cruciaal voor het tegengaan van klimaatverandering en verduurzaming van de voedselvoorziening. Natuur in de directe leefomgeving is daarnaast essentieel voor de gezondheid en het welbevinden van mensen. Bovendien is een goede staat van de natuur van belang voor de beschikbaarheid van onder meer drinkwater, gezond voedsel en schone lucht. De natuur vormt een bestaansvoorwaarde voor de mens.” Natuurinclusief Nederland natuur overal en voor iedereen, Raad voor de Leefomgeving en infrastructuur, 23 maart 2022

[2]“De biodiversiteit loopt wereldwijd door uiteenlopende redenen terug. Ook op lokaal niveau kunnen we daar iets tegen doen.” Kadernota Groen 2012–2021  gemeente Oisterwijk.

[3] Zie bijvoorbeeld het Manifest Bouwen voor Natuur, dat op 10 maart 2021 is aangeboden aan de Tweede Kamer, met daarin de oproep van ontwikkelaars, banken en architecten  om de grote hoeveelheden woningen die overheden de komende 10 jaar moeten bouwen zo te bouwen dat de natuur de ruimte krijgt.

[4] www.samenvoorbiodiversiteit.nl

[5] Het Deltaplan Biodiversiteit biedt de mogelijkheid om supporter of lid te worden. Het B-team heeft in haar vergadering van 17 juni 2019 besloten om supporter te worden van het Deltaplan Biodiversiteit. Nog beter zou natuurlijk zijn als de gemeente Oisterwijk lid van het Deltaplan Biodiversiteit zou worden.

[6] puntensysteem_voor_natuurinclusief_bouwen_2021 (1).pdf

BIJKOMENDE ZIEKTEN DOOR KLIMAATVERANDERING(5)

Hoe voorkomen we nieuwe pandemieën?

Willen we een langetermijnvisie voor de corona-aanpak ontwikkelen, dan zullen we allereerst moeten kijken naar de fundamentele oorzaken van de huidige pandemie, zegt Willem Schinkel, hoogleraar sociale theorie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam in NRC van 17 januari 2022.

In het kapitalistische denken is leven alleen beschermingswaardig in zover dat in lijn te brengen is met de economie, stelt hij.  SARS-COV-2 heeft te maken met een kapitalistische economie waarin winst maken door middel van ontbossing en dierenindustrie allerlei voor ons gevaarlijke virussen losmaakt uit hun ecologische leefgebied. De bekende kritische viroloog Rob Wallage stelt dat juist die ontbossing en dierenindustrie praktijken zijn waardoor miljoenen levens door de vrijkomende gevaarlijke virussen op het spel komen te staan.

Onze pandemische paraatheid moet dus enerzijds bestaan uit een biomedisch perspectief, hetgeen inhoudt het opheffen van vaccinpatenten waardoor de mogelijkheid ontstaat van snellere en  mondiale vaccinatie. Anderzijds moet die paraatheid ook bestaan uit een ecologisch perspectief, hetgeen inhoudt dat we die ontbossing en wereldwijde ongelimiteerde dierenindustrie terugdringen, zodat virussen niet meer worden losgerukt uit de gesloten oerwoudsystemen. Daarnaast zal de intensieve landbouw, die roofbouw pleegt op de planeet door agro-ecologische alternatieven moeten worden vervangen.

Deze kwesties, in combinatie met de snel toegenomen technologie en onbeteugelde industrialisatie, een onverzadigbare honger naar grondstoffen en een angstaanjagend onvermogen om afval te verwerken, dat vooral door de rijke landen wordt geproduceerd, hebben het geheim van het succes van gisteren veranderd in een recept voor een langzame zelfmoord vandaag, concludeert ook historicus Philipp Blom in zijn lezenswaardige essay “Het grote wereldtoneel”. (Bezige Bij. 2020). Hier liggen de werkelijke aanknopingspunten voor het aanpakken van de echte oorzaken van de pandemie.

Het coronavirus kent geen magische oorsprong, zegt Schinkel. Het is ook geen natuurlijk noodlot dat ons overkomt. Maar het is het product van de manier waarop het kapitalistische denken met de planeet wil omgaan.

We kunnen ook anders gaan denken. Wij consumenten bijvoorbeeld kunnen massaal de bedrijven gaan boycotten die  de planetaire plundering in gang houden en hen aldus dwingen een nieuwe meer planeet-  en klimaatvriendelijke koers te gaan varen. Het gaat om onze intergenerationele verantwoordelijkheid voor de bescherming van al het leven.

Hans Pijnaker